Ankur is planoloog en projectleider met een sociaal hart. We spraken hem in het gemeentehuis van de gemeente Goeree Overflakkee waar hij momenteel een aantal complexe projecten leidt.
Wat hem kenmerkt? Openheid en eerlijkheid. “Maak geen afspraken die je niet kunt waarmaken. Wees duidelijk, transparant, dan kom je ver.”
Van bouwplaats tot beleid
Na de middelbare school begon Ankur aan de studie Bouwkunde, met het idee om architect te worden. Die ambitie zat er al vanaf de basisschool in. Hij kwam veel op de bouw door zijn vader en een familielid dat directeur was bij een bouwbedrijf.
Toch bleek de creativiteit die voor architectuur nodig is, niet helemaal bij hem te passen. “Ik merkte dat ik niet echt de creatieve geest had om architect te worden. Ik werd vooral ingezet als bouwkundig tekenaar, veel achter het scherm met AutoCAD. Dat vond ik uiteindelijk te eenzijdig.”
Zijn behoefte aan menselijke interactie leidde hem naar de studie Ruimtelijke Ordening en Planologie in Utrecht, waar hij zijn plek vond. Daar ontdekte hij dat hij veel liever werkte aan het verbinden van mensen en belangen. Iets wat hij nu nog steeds met veel toewijding doet.
De weg naar de gemeente.
Na zijn studie ging hij aan de slag bij een stedenbouwkundig bureau in Amsterdam, maar dat was niet helemaal de juiste match. “De focus lag sterk op het projectbelang en de financiële haalbaarheid, zonder veel oog voor bredere maatschappelijke impact. Overheden kijken breder, naar het algemeen belang. En dat sluit beter aan bij mijn persoonlijke ambities.”
“Soms zie je ook een andere kant van de samenleving”
Een gevoelig project waar Ankur momenteel aan werkt, is de huisvesting van arbeidsmigranten. “We spreken over 300 arbeidsmigranten op één locatie. Dat roept, terecht of niet, weerstand op in de samenleving.” Eerder werkte hij al mee aan de komst van een AZC in West-Brabant. “Daar heb ik van alles beleefd wat je in participatietrajecten kunt tegenkomen. Dat trek je je aan, ook al probeer je zakelijk en privé zoveel mogelijk gescheiden te houden. Je komt thuis en merkt: dit laat je niet geheel koud.”
Toch blijft hij zijn werk met toewijding doen. “Het gaat om maatschappelijke onrust en een gevoel van onveiligheid die inwoners ervaren als er een grote verandering in hun leefomgeving wordt opgelegd. Dat moet je niet alleen met een ruimtelijke, maar ook met een sociaal-maatschappelijke bril benaderen.”
Projecten met impact.
Naast dit gevoelige dossier werkt Ankur ook aan woningbouwprojecten, zoals het Graankwartier in Middelharnis. “Dat is een herontwikkeling van industrieel erfgoed met onder andere appartementen in een oude silo. In eerste instantie wilde men alleen dure woningen bouwen, maar door druk van de provincie hebben we het plan aangepast naar betaalbaarder aanbod.” Hoewel sociale huur niet haalbaar bleek, wist hij wel betaalbare koopwoningen en middenhuur toe te voegen. “Het zijn woningen van rond de 4 à 5 ton. Nog steeds veel geld, maar in de context van nieuwbouw wél betaalbaarder dan eerst.”
Ankur vertelt gepassioneerd over de onderhandelingen die bij dit soort projecten komen kijken: “Het gaat om financiële afspraken, planologische ruimte, draagvlak. En uiteindelijk probeer ik altijd iets bij te dragen aan de samenleving. Woningbouw voor jonge mensen bijvoorbeeld. Dat geeft voldoening!”
Erfgoed, participatie en afwegingen.
Ook monumentenzorg komt op zijn pad. “Ik begeleid momenteel twee rijksmonumenten die vervallen zijn. De Rijksdienst wil dat we handhaven, maar de ontwikkelaar wil alleen restaureren als hij er woningen bij mag bouwen. Dan begint het onderhandelen: met de provincie, met erfgoedspecialisten, en met de ontwikkelaar.”
Niet altijd eenvoudig. “Soms vraag ik me af of het al die miljoenen waard is, zo’n vervallen boerderij in de polder. Maar als gemeente moet je je aan de regels houden. Je kunt niet zomaar zeggen: laat maar instorten.”
“Ik heb veel te danken aan Sement.”
Het persoonlijke contact maakt het verschil voor hem. “Als ik iets nodig heb, bel ik Neville. En hij regelt het. Geen gedoe, gewoon eerlijk en transparant. Je voelt je geen nummer. Alles is helder, afspraken worden nagekomen en er is ruimte voor echt contact.”
Tot slot heeft Ankur nog een advies voor starters in het vakgebied: “Zorg dat je goede begeleiding krijgt. En als die er niet is, moet je het zelf afdwingen. Anders ga je zwemmen. En dan ga je het vak misschien wel minder leuk vinden.”